25 september 2022
  • 15:19 Coppa Italia 2022 voor Fortitudo Bologna
  • 17:13 San Marino wint Italy Series en Rimini degradeert uit Serie A
  • 17:44 “Uitstervend” Italiaans honkbal rept zich naar seizoensfinale San Marino – Parma
  • 12:39 Jubileumeditie Honkbalweek gezien vanaf de perstribune van het Pim Mulier
  • 08:49 Tjerk Smeets is de beste

Deze bijdrage is op persoonlijke titel geschreven door Ben Roosenthaler als oprecht liefhebber van de honkbalsport, als Bondslid, als jarenlang verenigingskaderlid in diverse functies, en actueel als Voorzitter Technische Commissie en teammanager. 

Eindhoven 16 november 2014

Betreft: Wijziging structuur en regels Breedtesport Honkbal

Noot vooraf: In eerdere berichtgeving heeft u als Bond aangegeven dat er in deze kwestie niet gereageerd zal worden op ingekomen stukken. Ik mag toch hopen dat deze reacties wel gelezen worden!
Geacht Bondsbestuur,

Met de spreuk ‘beter ten halve gekeerd dan ten hele gedwaald’ in het achterhoofd heb ik hoopvol gewacht met reageren op de oorspronkelijke plannen – en de daarop volgende commotie -van de Kolom Breedtesport. Temeer daar tussentijdse berichtgeving van de Bond (mail dd 31-10-14: “Deze reacties en de betrokkenheid van de verenigingen neemt het bondsbureau zeer serieus”) toch ook een zekere verwachting had geschapen.

Het is dan ook met verbazing – feitelijk verbijstering – om te constateren dat er in aanloop naar de bijeenkomst van 22 november slechts een zeer opzichtige poging wordt gedaan met gedeeltelijk uitstel van een jaar maar dat nog steeds nagenoeg dezelfde plannen op tafel liggen.

Voorstellen waar niet voor niks zoveel tumult over is uitgebroken omdat deze de werkelijke essentie en karakter van het honkbalspel onderuit halen. Want laten we wel wezen; het gaat hier niet over de hoogte van het gras of de lengte van een knuppel maar over elementen die honkbal tot honkbal maken. En dat is nou net wat honkbal uniek en onderscheidend maakt. Daar zit tegelijk ook de kracht omdat er mensen zij die juist daarvoor kiezen, net zoals dat ook zal gebeuren bij mensen die voor korfbal, ijshockey, rugby, badminton etc kiezen. Maar in plaats om vanuit die kracht en voordelen te denken, gaan we tegen de stroom in met aanpassingen waarbij we het wereldwijde lachertje worden van het baseball en lijkt het erop dat we een concurrentie willen aangaan met ‘populaire’ sporten als wellicht voetbal en hockey die je natuurlijk nooit gaat winnen door een uurtje of wat eerder klaar te zijn op zondag. Daarmee trek en behoud je geen zieltjes ten opzichte van andere sporten.

Om maar meteen wind uit de zeilen te halen: Ik ben niet conservatief denkend en al evenmin tegen veranderingen. Zeker niet als die kunnen dienen tot ledenbehoud of ledenaanwas. En natuurlijk hoort een sport ook wel te evolueren en kan dat betekenen dat er eens een keer een spelregel wordt gewijzigd. Daar moeten we allemaal voor open staan. Maar dan wel met respect voor het spelletje als zodanig en vooral een aantoonbare verband tussen het beoogde effect en de oorspronkelijke bedoeling van de maatregelen. Kortom zaken die op dit moment compleet zoek zijn.

Feitelijk is er tot op heden zoveel fout gegaan dat het lastig wordt om dat te benoemen maar laat ik toch puntsgewijs daar een poging toe doen.

  • Procedureel:

    Op zich begint de ellende hier al met een enorme valste start. Er komt een Kolom Breedtesport bijelkaar waarvan je begint af te vragen of ze al dan niet bewust ergens in de luwte aan de slag zijn gegaan met voorstellen tot aanpassingen waarvan men toch in ieder geval had moeten weten dat je die niet op een achternamiddag er doorheen kunt jassen. Vervolgens wordt er wel aan gedacht om dit met een ‘doelgroep’ te bespreken. Echter is dat een bijeenkomt die verder bij niemand bekend is en waarvan het totaal onduidelijk is wie daar gezeten hebben en vooral met welk en wiens mandaat of draagvlak. Dit loopt vrolijk door naar een slecht aangekondigde vergadering op 25 oktober waarbij dit onderwerp wel aan bod komt maar door niemand vooraf op de agenda gevonden kon worden. Pas daar blijkt dat er de intentie was om deze plannen tenslotte op 3 november op een interne vergadering af te tikken en in te laten gaan. Je hoeft niet eens bijzonder wantrouwend van aard te zijn om te denken dat hier sprake is van moedwil om iedere tegenstand vooraf te elimineren. De enige andere conclusie namelijk is dat er sprake zou zijn van een aandoenlijke maar wel desastreuze naïviteit.Nergens is er sprake van fatsoenlijke afstemming met Besturen of (technisch) kader van verenigingen, nergens wordt nagedacht over een tijdpad, en nergens wordt nagedacht over hoe je zulk een essentiële besluitvorming als Bondsvereniging met je leden zou moeten delen en nemen.

    Laatste procedureel aspect: Hoe kan het bestaan dat je ver na het beëindigen van de 1e klasse competitie met een besluit komt waarbij het effect is dat 50% degradeert. Want hoe onzinnig ook dit plan is: het minste is toch wel dat je dit vooraf al kenbaar maakt.

  • Communicatief:

    Bij het punt procedureel hierboven blijkt eigenlijk al meer dan voldoende dat er heel veel aan de communicatie schort. Overigens werd dat ook nog eens gevolgd door een veel te lange radiostilte van de Bond toen eenmaal iedereen in rep en roer was en slechts via gerucht met elkaar kon communiceren over de inhoud van de plannen. Ironisch genoeg verkeerde ik daardoor in de eerste dagen in de veronderstelling dat er overdreven werd en dat de zaak werd opgeblazen. Namelijk omdat ik me niet kon voorstellen dat de plannen echt zo buiten iedere realiteit zouden staan. Want niet bedoeld als flauwe grap maar om sommige voorstellen zou je rondom 1 april hartelijk hebben kunnen lachen als iemand dat bedacht had.De afdronk lijkt echter wel te zijn dat het Bondsbureau te ver weg staat van haar leden en te weinig affiniteit heeft met wat daar leeft en hoe je met elkaar op gelijkwaardig niveau in continue communicatie zou moeten zijn.
  • Motivatie en onderbouwing:

    Maar goed uiteindelijk moet je toch aannemen dat iedere maatregel of aanpassing een reden en een bedoeling heeft. Waarbij gezegd dat ieder initiatief om te streven naar minder uitstroom danwel ledengroei toegejuicht moet worden. Wat ik uit de stukken haal is dat we te maken hebben met een teruglopend ledenaantal en dat we streven naar een afname in uitstroom van 30%. Echter de uitkomsten van de enquête hebben weinig onderbouwing als het gaat om de achterliggende oorzaken, en lastig te duiden als er zowel cijfers in omloop zijn over een periode sinds respectievelijk 2005 en 2008.Op sheets 10 en 11 wordt e.e.a. gepresenteerd maar niet duidelijk is welk percentage van de opzeggers daaraan heeft bijgedragen dus wat de statistische betrouwbaarheid is, in welke leeftijdsgroep ze zaten, in welke klasse men speelde, wat de oorzaken van tijdgebrek waren (bv studenten verhuisd naar elders), en naar welk alternatief men dan gegaan is. Zou men onder andere omstandigheden toch al gestopt zijn omdat er geen tijd was? Kortom er wordt wel een hele snelle conclusie getrokken naar überhaupt al discutabele oplossingen maar dan ook nog eens zonder garantie op succes omdat er geen verband bewezen of gelegd is.

    Met voor mij op zijn minst met nog twee hele belangrijke vragen:

    o Is in de enquête gevraagd waarom betreffende vertrokken spelers dan niet 4e of 5e klasse zijn gaan spelen waar nu al 2-uurs wedstrijden worden gespeeld. Dan zou daarmee het hele argument toch al uit de weg geholpen zijn.
    o Heeft er al een enquête of onderzoek plaatsgevonden om te onderzoeken hoeveel leden gaan opzeggen als juist deze plannen worden doorgezet?

  • Inhoudelijk

    Tja als het om het inhoudelijke van de voorstellen gaat dan val ik voor het merendeel daarvan feitelijk stil in mijn argumenten omdat het te ridicuul voor woorden is. In ieder geval zoals in mijn inleiding al gezegd omdat hier het wezen van het honkbalspel geweld wordt aangedaan (of om een speler uit mijn team te citeren: ‘verkracht wordt’). Alsof wij in Nederland het honkbal opnieuw moeten uitvinden?Tegelijk moet ik zeggen dat er wellicht enkele voorstellen – oa speedup – tussen zitten waar je wel wat mee kunt. Op zijn minst in de huidige 4e en 5e klasse.

    Maar goed, ik kan het niet nalaten om er een paar dingen over te zeggen:

    o Allereerst en bij herhaling; waarom zou je überhaupt regels en structuur gaan doortrekken naar 1e tm 3e klasse als deze in 4e en 5e klasse al bestaan? En waar trouwens ook niks op tegen is als daar ‘recreatieve’ behoefte voor is.
    o Het spelen op tijd werkt allereerst in de hand dat je – zeker met clubscheidsen – kunt wachten op de discussies die je daarover krijgt bij aanvang van een nieuwe inning. Zelfs in 4e en 5e klasse waar veel minder op scherp gespeeld wordt, is dat nu al een veelgehoorde klacht. Daarnaast is het spelen op innings juist een heel wezenlijk onderdeel van je tactiek, inzet van pitchers, wissels etc. Oftewel een van de elementen die honkbal juist zo karakteristiek maken.
    o Een warming-up van 30 minuten…..Wie gaat allereerst (zinloos) verbieden of controleren dat hier geen ‘overtredingen’ plaatsvinden? Wie houdt ons thuis tegen om 4 uur van tevoren al op het veld te staan. Een goede warming-up is tegelijk een training, een beoordelingsmoment voor de coach voor de opstelling, een mentaal moment voor spelers, met alle tussenliggende rituelen als de tegenstander het veld heeft. Bovendien is er toch niemand die je nu verplicht om er twee uur over te doen.
    o Door aan de onderkant de klassen zo te gaan saneren (5e klasse  4e klasse) confronteer je vaak pure recreanten eerder en vaker met tegenstanders met meer honkbalskills. Met enerzijds meer risico op ongelukken maar zeker met onevenwichtige strijd.

  • De gevolgen

    Wat gaan we hier nu helemaal mee bereiken? In ieder geval is al bereikt dat op zijn minst alle Senioren van 1e tm 3e klasse compleet over de zeik zijn. Maar ook in de lagere klassen evenals bij Junioren is de weerstand groot. Feitelijk bij iedereen die honkbal altijd al serieus genomen heeft, ongeacht of men nu nog op dat niveau speelt. Gevolg zal zijn dat er nu juist spelers om deze redenen gaan stoppen of op een heel ander level hun carrière freewheelend gaan voortzetten. Een totaal averechts effect. Terwijl de spelers met als argument ‘geen tijd’ nog steeds zullen opstappen omdat die altijd al het alternatief in 4e en 5e klasse hadden. Het is niet moeilijk om te voorspellen dat we dus nog meer uitstroom gaan krijgen.Ondertussen hebben we dan de gehele 1e tm 3e klasse weggezet als een niet langer serieus te nemen groep van honkballers met alle frustraties vandien. Frustraties bij spelers die vaak een belangrijke rol spelen binnen het kader van de verenigingen en spelers waar nog potentie kan zitten om door te groeien naar de top. De al bestaande ‘afstand’ tussen top en breedtesport (ondertussen Mickey Mouse competitie) wordt dus nog groter dan ie al is waardoor de top nog onbereikbaarder wordt. En welke jonge speler droomt er nou niet van om stapje voor stapje tot minstens de top van Nederland te komen of ultiem de MLB. We ontnemen onze jeugd het perspectief om ‘voor het echie’ door te stromen naar 9 innings en zo verder. Je kunt erop wachten totdat dit uiteindelijk zich ook tegen de top zal keren als de kwaliteit van onderaf begint op te drogen. In tussentijd zal het honkbal onder de top verstoken blijven van (lokale) media-aandacht en daarmee nog lastiger dan het al is om aansprekende sponsoren te vinden. Wie zit er nog te wachten op publiciteit van een ‘vergeten’ doelgroep op bedenkelijk niveau met aangepaste regels.

    Oh ja, ik las ergens iets over straks makkelijker een coach kunnen vinden…… Het is makkelijker een goede en kwalitatieve coach te vinden met hart en ziel voor het echte spel dan waar de uitdaging een stuk minder is. Hoe triest misschien ook; maar in de praktijk van de laatste jaren heb ik regelmatig ervaren hoe lastig het is om coaches te vinden voor de lagere klassen.

    Bovenal triest om te moeten concluderen uit de gevolgede procedure, gebrekkige communicatie en de totale misvatting over te nemen maatregelen dat de Bond weinig feeling heeft met wat er op Breedtesport niveau bij de aangesloten verenigingen leeft. Een verwijdering die alleen maar zal toenemen als dit wordt doorgezet.

  • Hoe nu verder:

    Natuurlijk mogen we onze ogen niet sluiten voor een teruglopend ledental en natuurlijk moeten we alles uit de kast halen om onze sport nog meer onder de aandacht te brengen of aantrekkelijker te maken. Maar laten we dat doen vanuit onze kracht en dus vooral vanuit hoe Honkbal nu eenmaal in elkaar zit. Dat is de motivatie geweest van alle nu aangesloten leden. Een bewuste keuze zoals dat vermoedelijk ook bij ijshockey, rugby, american football, cricket en dergelijke geldt. We zullen moeten accepteren dat we in een niche sport zitten en dat moet ons juist onderscheiden van de rest. Maatregelen en onbezonnen concessies om op te schuiven naar populaire sporten gaan ons daarbij echt niet helpen om die strijd te winnen. Dat is handelen uit zwakte.Laten we daarom afstand nemen van alles wat hieraan is vooraf gegaan, zowel de plannen als de commotie en de irritatie. Gooi alles overboord en begin met schone lei opnieuw aan een plan van aanpak waar echte visie uit spreekt.

Tenslotte:

Dit (veel te lange) epistel is geschreven op persoonlijke titel als oprecht liefhebber van de honkbalsport, als Bondslid, als jarenlang verenigingskaderlid in diverse functies, en actueel als Voorzitter Technische Commissie en teammanager.

Ben Roosenthaler

Ronald Bouwman

RELATED ARTICLES