KNBSB slaat plank volledig mis bij verklaring dramatisch verlies

Amsterdam, 15 maart 2018 – Gisteren publiceerde de KNBSB dan toch de al eerder beloofde jaarrekening waaruit meer zou moeten blijken over de oorzaak, of oorzaken, van het tekort van dik drieënhalve ton.

Het stuk werd net als het jaarverslag weggemoffeld tussen de agendapunten van de aankomende bondsraad. Het enige stuk dat voor de bondsraad van 24 maart nu nog ontbreekt is de verklaring van de Financiële Commissie, maar omdat de jaarrekening nog niet beschikbaar was zal die verklaring ook wel even op zich laten wachten.

Die Financiële Commissie zal de jaarrekening hopelijk heel goed bestuderen, maar voor wie geen zin heeft om het stuk vol met cijfers en balansen door te ploeteren heb ik hieronder een aantal dieptepunten op een rij gezet.

Op pagina 23 en 24 van het verslag is een staatje met plussen en minnen opgenomen waar ik er een aantal van zal uitlichten:

De grootste bleeders zijn te vinden bij de Sponsorinkomsten, maar dat wisten we natuurlijk al. “Baseball means bad business”, als je de cijfers van de bond mag geloven tenminste. We moeten alle ingestapte bedrijven ontzettend dankbaar zijn dat ze onze sport een goed hart toedragen, maar het zijn er veel te weinig, veel minder ook dan begroot. Alles bij elkaar opgeteld is de miskleun op sponsoring nét geen drie ton! Deze is als volgt opgesplitst:

– Sponsorinkomsten algemeen, financieel: € 12.400
– Sponsorinkomsten honkbal, financieel: € 104.000, minder sponsoring / partnerschappen afgesloten
– Sponsorinkomsten softbal, financieel: € 130.800, onvoldoende sponsoring / partnerschappen afgesloten
– Sponsorinkomsten honkbal, materiaal: € 39.500
– Sponsorinkomsten softbal, materiaal: € 13.100

Voor de duidelijkheid de “Sponsorinkomsten” hierboven zijn allemaal negatief, bedragen die dus NIET binnengehaald zijn, maar waar wél rekening mee is gehouden.

Misschien wel de meest pijnlijke min in het overzicht is het tekort van € 22.000 dat verklaart wordt door “minder inkomsten afspraak WPT organisatie”. Tijdens het World Port Tournament van afgelopen jaar werd Nederland vertegenwoordigd door een veredeld jeugdteam en kennelijk (en begrijpelijk) was de organisatie van het WPT daar niet onverdeeld gelukkig mee. Dit gerucht ging al eerder, maar niet eerder werden er cijfers gepubliceerd die dit gerucht ondersteunen. Pijnlijk is dit tekort vooral omdat de Voorzitter van het WPT en de directeur van de KNBSB één en dezelfde persoon zijn. Het feit dat de bond afgelopen jaar in de bres is gesprongen voor de Haarlemse Honkbalweek zal de zaak van de bond richting het WPT niet sterker gemaakt hebben.

Als laatste opvallende tekort noem ik hier de € 32.200 die valt onder het kopje Kaderopleidingen. Hierbij staat de aanvullende informatie “Aantal gegeven cursussen lager”. Dat kan natuurlijk gebeuren, maar tijdens een vergadering van de bondsraad bij het bespreken van de voorlopige begroting voor 2017 is het exorbitant hoge bedrag dat hiervoor opgenomen was nadrukkelijk besproken. Nee hoor, dat ging wel gehaald worden. Niet dus.

In de jaarrekening wordt op een aantal plekken tekstueel ingegaan op het slechte resultaat en hoe dat voor 2018 en verder voorkomen kan worden. Hoewel duidelijk blijkt dat de ernst van de situatie nu ook eindelijk in Nieuwegein lijkt binnen te komen schrik ik toch weer van een aantal conclusies:

2018 zal geheel in het teken moeten staan van het realiseren van meer inkomsten. Dit proces zal scherp gevolgd moeten worden omdat de reserves nu aanzienlijk zijn afgenomen.

Nee, nee, nee! 2018 zal geheel in het teken moeten staan van het terugdringen van de kosten! Dat megalomane gedoe moet nu eens afgelopen zijn!

En dan ook meteen het punt dat volgens mij de oorzaak is van al het kwaad, de reden waarom we nu staan waar we staan:

De topsport programma’s gekoppeld aan de Olympische ambitie en Grandslam 2018+ vragen onze uiterste inzet om de externe geldstroom. (sponsoring, subsidies) op het gevraagde niveau te krijgen en dat structureel te maken. Dat betekent meerjarige contracten afsluiten en optimaal gebruik maken van subsidiemogelijkheden.

De Olympische ambitie en Grandslam 2018+ maken het honkbal in Nederland kapot. De Olympische ambitie zoals deze door de bond wordt ingevuld valt namelijk niet te rijmen met de focus die nodig is om de ledendaling te stoppen, die nodig is om honkbal IN Nederland weer aantrekkelijk te maken en onder de aandacht te brengen.

En hoe durf je als KNBSB de toekomst van het Nederlands honkbal op het spel te zetten door je zo afhankelijk te maken van inkomsten uit de MLB en van het NOC*NSF? De MLB is niet geïnteresseerd in honkbal in Nederland en was volgens de jaarrekening in 2017 verantwoordelijk voor een onverwacht verlies van € 125.000 aan inkomsten. En het NOC*NSF? Hou toch op. Het is elke keer weer afwachten of honkbal Olympisch is. 2020 ziet er goed uit, maar deelname is nog allerminst zeker, en in 2024 hebben ze in Parijs misschien wel liever Jeu de Boules op het programma. Hieronder twee verschillende toelichtingen die beiden onder het kopje CONTINUÏTEIT 2018+ zijn terug te vinden (pagina 7 en 15):

CONTINUÏTEIT 2018+
Het resultaat 2017 noodzaakt het bestuur tot het stellen van de vraag in hoeverre de continuïteit voor de jaren 2018 en verder is geborgd. Bij gelijkblijvend resultaat is dit duidelijk niet het geval en het bestuur zal op zo kort mogelijke termijn voorstellen doen aan de bondsraad voor een aangepaste begroting 2018.
De risico’s zitten in alle delen van de organisatie, maar met name in het verwerven van inkomsten van de topsportprogramma’s.
Een dalend ledenaantal zal leiden tot minder inkomsten en zal consequenties hebben voor de basisformatie. Hier zal tijdig op moeten worden geanticipeerd.
De topsportprogramma’s zullen per jaar dekkend moeten zijn, waarbij niet geanticipeerd meer kan worden op mogelijke inkomsten. De reserve die er nu nog is, is de laatste buffer en  hier kan geen structurele onttrekking meer uit plaatsvinden.
Geconstateerd wordt dat de afgelopen jaren het topsportprogramma honk/softbal voor een groot deel met incidentele middelen is gedekt. De topsport programma’s gekoppeld aan de Olympische ambitie en Grandslam 2018+ vragen onze uiterste inzet om de externe geldstroom. (sponsoring, subsidies) op het gevraagde niveau te krijgen en dat structureel te maken. Dat betekent meerjarige contracten afsluiten en optimaal gebruik maken van subsidiemogelijkheden. 

Een andere conclusie van het bestuur is dat er een intensievere cyclus en rapportage van planning en controle moet plaatsvinden.

En een paar pagina’s verderop:

CONTINUÏTEIT 2018+
Het boekjaar is afgesloten met een resultaat voor bestemming van €362.414 negatief. Voor 2018 is een resultaat voor bestemming begroot van € 74.170 negatief. Gegeven de uitkomsten van 2017 is door het bestuur een risicoanalyse op de begroting 2018 uitgevoerd waarbij is vastgesteld dat het werven van inkomsten voor de topsportprogramma’s risico’s op haalbaarheid kennen welke een ongewenst effect hebben op het vermogen en liquiditeit en daarmee de continuïteit van de vereniging. Op basis van de uitkomst van de analyse gaat het bestuur maatregelen inzetten om tot kostendekkende topsportprogramma’s te komen en tot een aangepaste begroting 2018. Het bestuur is van mening dat door de in te zetten maatregelen de continuïteit van de vereniging hiermee is gewaarborgd. Om die reden is de jaarrekening opgesteld op basis van continuïteitsveronderstelling.

Ik wens de Financiële Commissie van de Bondsraad veel wijsheid toe, maar heel hard ingrijpen en het bestuur wegsturen óf een andere richting op duwen lijkt de enige weg die gegaan kan worden.